Mary Wijman-Konings van Konings-Dunhill Shop

6 december, 2018

‘Vertegenwoordigers uit Utrecht en Amsterdam kwamen speciaal naar onze zaak’

Veel Laarbewoners kennen de Tilburgse Middenstand van vroeger nog heel goed. Dit keer haalt Mary Wijman-Konings herinneringen op aan de sigarenzaak van haar moeder.

U weet het vast nog wel, vroeger werd er nog overal gerookt. Op feestjes stonden de sigaretten in glazen met een servetje op tafel en de sigaren werden in een mooie kist gepresenteerd aan speciaal bezoek. Mary Wijman-Konings (84) kent de gewoontes rond het roken nog op haar duimpje. Haar moeder was namelijk ‘een van de weinige vrouwelijke sigarenexperts van het land.’ Een artikel over ‘ongematteerde sigaren’ uit een Elseviers Select uit 1983 laat zien dat haar zaak Konings-Dunhill Shop aan de Nieuwlandstraat in hetzelfde rijtje werd genoemd van zaken als Hajenius uit Amsterdam.

“Ik ben geboren aan de Oude Markt, het pand waar jarenlang restaurant de Sinjoor zat. Mijn moeder had daar ook al een sigarenmagazijn aan huis. Mijn moeder had de sigarenzaak overgenomen van mijn oma. Opa was huisschilder en oma verkocht sigaren vanuit huis. Mijn vader was architect. Hij bouwde een huis aan de Gasthuisstraat. Daar hebben we ook een tijdje gewoond. Na de oorlog kocht hij een stuk grond in de Nieuwlandstraat en bouwde daar de winkel Konings-Dunhill. Ook het pand daarnaast, waar een drogisterij zat, heeft hij gebouwd. Hij tekende en bouwde panden met mooie, stenen erkers en ronde ramen. Wij woonden boven de zaak. ‘Let op’, zei mijn vader nog, ‘De Nieuwlandstraat wordt een mooie straat’. En hij kreeg gelijk.

Mary hielp als meisje af en toe mee in de winkel. “Op drukke tijden in december stond ik in de zaak. Ik kende alle sigaren en aanstekers. Vertegenwoordigers kwamen uit Utrecht en Amsterdam naar deze zaak in Tilburg. Mijn moeder verkocht de bijzondere merken waar de klanten speciaal voor kwamen. Hajeniussigaren, kostbare gouden aanstekers van Dunhill, de winkel had een grote zakelijke clientèle van de Tilburgse fabrikanten. De sigaren werden in klimaatkasten gehouden, waar de temperatuur en de vochtigheid werd geregeld. We hadden thuis een grote, mooie schaal staan waar alle merken sigaren en sigaretten voor het bezoek op lagen. Ieder bezoek kon zijn eigen merk roken.

 

Toen kon nog niemand bevroeden dat het roken zo verketterd zou worden. Zelf rookt Mary al vanaf haar 12e. “Nu geniet ik nog steeds van mijn sigaretjes, zonder longproblemen. Ik heb een goed gestel en een beetje geluk denk ik.” Mary kon goed leren. Ze solliciteerde na het Theresialyceum, waar ze ook Latijn had geleerd, bij dokter Keyzer als medisch secretaresse. Na haar trouwen stopte ze even met werken om daarna als medisch secretaresse aan de slag te gaan bij cardioloog Chappin in het Elisabeth Ziekenhuis. “Kun je je voorstellen, zelfs daar werd de hele dag gerookt. Ook de longartsen vonden het normaal om op kantoor te roken.” Ach ja, tijden veranderen en langzaamaan werd er minder gerookt. Met name het aandeel sigaren sterk nam af. Supermarkten en benzinestations verkopen nu de meeste rookwaar. De winkel sloot begin jaren ’90 definitief. Nu zit er een mode- en lifestylezaak in.